Hartinsufficiëntie: een marker om patiënten met grootste risico op overlijden op te sporen
Een team van het Inserm heeft een bloedmarker ontdekt met een voorspellende waarde voor het risico op overlijden binnen drie jaar in geval van hartinsufficiëntie, een aandoening die vandaag 15 miljoen Europeanen treft, onder wie 10% van de senioren ouder dan 70 jaar.
De onderzoekers uit Rijsel legden zich toe op de biomarkers die in verband worden gebracht met cardiovasculaire aandoeningen en het risico op overlijden van de betrokken patiënten. Ze bestudeerden niet-coderend RNA, moleculen in het bloed waarvan de functie niet bekend is, maar die soms in verband worden gebracht met bepaalde ziekten zoals kanker.
De wetenschappers wilden dit spoor onderzoeken met betrekking tot hartinsufficiëntie en maakten gebruik van de gegevens van het Franse cohort REVE-2, bestaande uit 246 patiënten die een hartinfarct hadden gehad. In het jaar volgend op hun infarct werd al het niet-coderend RNA (ongeveer 30.000) in het bloed van die patiënten herhaaldelijk geanalyseerd. Uiteindelijk kon slechts voor één molecule, Lipcar, een sterk verband worden aangetoond met de vervorming van de hartkamers, een voorspellende factor voor hartinsufficiëntie.
Het belang van die marker werd vervolgens op twee andere cohorten van het CHRU van Rijsel getest, bestaande uit patiënten met een gemiddelde leeftijd van 59 jaar en getroffen door deze aandoening. Ze stelden vast dat de concentratie van Lipcar correleerde met het risico om binnen drie jaar te overlijden.
Dit niet-coderend RNA zou een erg nuttig prognosemiddel kunnen zijn om de patiënten te selecteren die bij voorrang een harttransplantatie zouden moeten krijgen.
(referenties: Circulation Research, 25 april 2014, doi: 10.1161/CIRCRESAHA.114.303915, en communiqué van het Inserm, 5 mei 2014)