Acute infecties
Studie bevestigt potentieel verpleegkundig consult
Een onderzoek in een huisartsenpraktijk in de provincie Antwerpen toont aan dat een verpleegkundige de huisarts aanzienlijk kan ontlasten door consultaties voor acute infecties op zich te nemen. De resultaten verschenen in het recente nummer van HuisartsNu.
Filip Ceulemans
Tijdens het winterseizoen, dat stilaan ten einde loopt, worden huisartsen traditioneel geconfronteerd met een sterke toename van patiënten met acute infecties. Dat leidt tot een aanzienlijke werkdruk. In verschillende landen, waaronder Nieuw-Zeeland, Nederland, Spanje en het Verenigd Koninkrijk, worden verpleegkundigen al succesvol ingezet in de zorg voor acute infecties.
Maar is zo’n model ook haalbaar in België? Kunnen verpleegkundigen in drukke periodes huisartsen ontlasten zonder in te boeten aan zorgkwaliteit? Die vragen stonden centraal in een onderzoek onder leiding van doctoraatsonderzoeker verpleegkunde Laurent Desmet (Faculteit Geneeskunde en Gezondheidswetenschappen, UAntwerpen).
Ongepland vervolgcontact
De studie vond plaats in één multidisciplinaire groepspraktijk met meer dan 5.000 ingeschreven patiënten. Drie verpleegkundigen namen er, na een gerichte opleiding in anamnese, klinisch onderzoek en klinisch redeneren, consultaties voor acute infecties op zich. “Het is belangrijk te benadrukken dat het onderzoek beperkt bleef tot één praktijk. Het toont in de eerste plaats het potentieel van dit samenwerkingsmodel aan”, aldus Desmet.
Binnen de 14 dagen na een consultatie bij de huisarts had 13,2% van de patiënten een ongepland vervolgcontact. Bij de verpleegkundigen bedroeg dat 15,7%. “Dat verschil is statistisch niet significant”, zegt Desmet. “De resultaten sluiten bovendien aan bij gelijkaardige bevindingen uit onder meer Spanje.”
Wat vervolgcontacten betreft, is er dus geen noemenswaardig verschil. Dat ligt anders bij het aantal farmacologische interventies, zoals het voorschrijven of aanbevelen van geneesmiddelen.
Voorschrijven
Bij 56,3% van de huisartsconsultaties werd een farmacologische interventie uitgevoerd, tegenover 35,4% bij de verpleegkundigen. “Het al dan niet uitvoeren van zo’n interventie had geen invloed op het aantal vervolgconsultaties”, stellen de onderzoekers vast.
Dat huisartsen vaker tot een farmacologische interventie overgaan, is volgens Desmet logisch te verklaren. “Verpleegkundigen mogen geen geneesmiddelen voorschrijven en kunnen bijvoorbeeld enkel paracetamol aanbevelen. Bovendien verwachten patiënten wellicht sneller van een huisarts dat die medicatie voorschrijft. Ze gaan hem die vraag dan ook sneller stellen. In het Verenigd Koninkrijk is het verschil kleiner, omdat verpleegkundigen er na een bijkomende opleiding bepaalde geneesmiddelen mogen voorschrijven.”
Grondige opleiding
“Het lijkt erop dat wie mag voorschrijven, dat ook effectief doet”, aldus Desmet. “Het is daarom de vraag of een uitbreiding van het voorschrijfrecht hier noodzakelijk is, behalve mogelijk voor bepaalde herhaalvoorschriften onder toezicht van een arts.”
Toch pleit Desmet op basis van deze studie niet voor een algemene invoering van verpleegkundige consultaties bij milde acute infecties. “Veel hangt af van de bereidheid van zowel huisarts als verpleegkundige om hierin mee te stappen. Sommige verpleegkundigen beperken zich liever tot technische handelingen, terwijl anderen gemotiveerd zijn om een uitgebreidere rol op te nemen.” Een grondige opleiding blijft in elk geval een essentiële voorwaarde.
>> Desmet L, Seuntjens L, Van Bogaert P. Verpleegkundige consultaties bij acute infecties: even doeltreffend als consultaties bij de huisarts? HuisartsNu 2026;55:24-7.