GLP-1-receptoragonisten en preventie hepatocellulair carcinoom: een signaal in het reële leven
ASCO-CONGRES Het hepatocellulair carcinoom is een belangrijke oorzaak van kankersterfte. De primaire preventie ervan is nog altijd een groot vraagteken. GLP-1-receptoragonisten zouden echter weleens interessant kunnen zijn. In preklinische studies is immers gebleken dat ze een antitumorale werking hebben. De eerste klinische studies wijzen op een mogelijk preventief effect bij patiënten met Metabole disfunctie geAssocieerde Steatotische Leverziekte (MASLD) of type 2-diabetes.
De vorsers hebben een retrospectieve analyse van de geanonimiseerde gegevens van de TriNetX-basis uitgevoerd. Die gegevensbank bevat de gegevens van 150 miljoen patiënten uit 108 gezondheidszorgstelsels. De studie is uitgevoerd bij patiënten van 18-90 jaar die minstens één risicofactor voor hepatocellulair carcinoom vertoonden: chronische virale hepatitis, cirrose, MASLD, alcoholisch leverlijden of erfelijke leverziekte. 
‘Blootstelling’ aan GLP-1-receptoragonisten werd gedefinieerd als ontvangst van minstens twee voorschriften. Na toepassing van de exclusiecriteria en een 1-1-matching volgens een propensity score (demografische kenmerken, HbA1c-gehalte, body mass index en MELD-Na-score) hebben de vorsers de gegevens van 592.718 patiënten geanalyseerd, 296.359 in elke cohorte.
De mediane follow-up bedroeg 2.450 dagen in de GLP-1-receptoragonistgroep en 2.114 dagen in de controlegroep. Blootstelling aan een GLP-1-receptoragonist correleerde met een 73% lagere incidentie van optreden van een hepatocellulair carcinoom. Het aantal patiënten dat moest worden behandeld om één geval van hepatocellulair carcinoom te voorkomen (NNT), werd geraamd op 1.015. De incidentie daalde in alle subgroepen, ongeacht de oorzaak van het leverlijden (alcoholisch leverlijden, cirrose, chronische virale hepatitis en MASLD) (figuur 1).
Het verschil was bijzonder groot bij de patiënten zonder diabetes en de patiënten met een BMI lager dan 29 kg/m² (figuur 1). Dat zou erop kunnen wijzen dat het potentieel van GLP-1-receptoragonisten mogelijk niet alleen afhangt van hun effecten op het gewicht of de glykemie, maar dat ze ook een direct antitumoraal effect zouden kunnen hebben.
De frequentie van nausea, braken en diarree was significant hoger bij gebruik van een GLP-1-receptoragonist, maar de frequentie van buikpijn was niet significant hoger.
De incidentie van pancreatitis en acuut nierlijden was zelfs lager in de GLP-1-receptoragonistgroep. De auteurs concluderen dat het veiligheidsprofiel aanvaardbaar is. Prospectieve studies zijn evenwel nodig om die correlaties te bevestigen en de klinische draagwijdte ervan te ramen.
Referenties:
1. Jones C., et al., Glucagon-like peptide-1 receptor agonist for primary prevention of hepatocellular carcinoma in high-risk patients: A real-world analysis across metabolic, viral, alcoholic, and hereditary liver disease. J Clin Oncol. 2026;44(suppl 16; abstr 10522). DOI: 10.1200/JCO.2026.44.16_suppl.10522.
2. Jones C., et al., Glucagon-like peptide-1 receptor agonist for primary prevention of hepatocellular carcinoma in high-risk patients: A real-world analysis across metabolic, viral, alcoholic, and hereditary liver disease. Poster gepresenteerd op de ASCO Annual Meeting 2026, Abstract 10522.